Introverte deelnemers trainen

‘Ik ben zelf behoorlijk extravert. Wanneer ik iets uitleg, houd ik van duidelijke reacties – gezichtsuitdrukkingen, opmerkingen en vragen geven me de bevestiging dat mijn verhaal aankomt. Nu had ik laatst een ontzettend stille groep. Bij elke uitleg of vraag: lege gezichten. Om maar interactie te krijgen, ging ik hengelen bij het kleinste knikje en hummetje van deelnemers: ‘Oh Linda, is dat voor jou herkenbaar?’ Maar daar kwam niet veel uit: ‘Nou nee, niet echt hoor.’

Later hoorde ik dat het allemaal introverte deelnemers waren. Dat stelde me een beetje gerust, maar ik dacht wel ‘wegwezen’. Ik heb niet eens mijn visitekaartjes uitgedeeld terwijl ik dat altijd doe voor als deelnemers vragen hebben! Grappig genoeg kreeg ik heel goede evaluatiecijfers van deze groep. Op een of andere manier was er dus contact, maar toch…

Van stilte ga ik twijfelen …

Deze vraag kreeg ik vorige week van Karen Visser en ik denk dat veel van ons dit kunnen navoelen. Ik wel, want als ik iets uitleg of vraag en geen reactie krijg, kun je mijn gedachtewolkjes uittekenen. ‘Zie je wel, ze snappen er niks van.’ ‘Mijn voorbeelden spreken niet aan. Ik had het beter moeten voorbereiden.’ ‘Dit doe je toch niet!?!’ Ik sla dus afwisselend mezelf en de deelnemers op hun kop. Alles is fout, fout, fout!

… en interactie geeft bevestiging …

Net als Karen heb ook ik bevestiging nodig dat mijn inhoud aankomt en dat ik het goed doe als trainer. Ik train op mijn gelukkigst als ik enthousiaste vragen en reacties krijg (‘Wat is dit zinvol!’ of ‘Nu zie ik wat ik vorige week anders had kunnen doen!’) en als mijn training een voortdurende afwisseling is van zenden en ontvangen (ik vertel iets, er ontstaat discussie, er komen eigen voorbeelden, deelnemers geven elkaar advies, ik voeg nog wat toe).

… maar van introverte deelnemers is dat veel gevraagd!

Met mijn behoefte aan bevestiging stel ik wel hoge eisen aan deelnemers. Extraverte deelnemers hebben daar geen moeite mee, want zij reageren uit zichzelf enthousiast en starten gemakkelijk een discussie. Maar voor introverte deelnemers is dit een brug te ver, want wat hebben zij nodig om goed en fijn te leren?

  • Genoeg tijd om na te denken. Introverte deelnemers laten een uitleg of vraag eerst binnenkomen en vormen zich pas langzaam een oordeel. Wanneer ik meteen een reactie verwacht, vraag ik dus te veel.
  • Ruimte om met elkaar of de trainer in gesprek te gaan. Introverte deelnemers vinden het vaak niet fijn om zich plenair uit te spreken, zeker niet in het begin van een training. Een op een is veiliger.
  • Genoeg stiltes en een lager tempo. Introverte deelnemers hebben tijd nodig om ergens over na te denken. Een individuele opdracht op zijn tijd is ook prettig.
  • Weinig stress. Bij stress hebben extraverte deelnemers de neiging om te versnellen, maar veel introverte deelnemers trappen dan juist op de rem.

In gemengde groepen komt het vaak goed …

Wanneer een groep bestaat uit extraverte én introverte deelnemers komt het meestal wel goed met iedereen. Extraverte deelnemers reageren dan meestal als eersten terwijl meer introverte deelnemers nog eens rustig kunnen nadenken. Wanneer je als trainer bovendien zorgt voor oefeningen in kleine groepen en ook individueel nadenktijd geeft, komen de meer introverte deelnemers goed aan hun trekken.

… maar wat doe je met een groep introverten?

Maar het kan misgaan als je een hele groep met introverte deelnemers treft. Dan krijg je van die ‘nare’ stiltes en lege blikken, waardoor je geen idee hebt of en hoe je boodschap aankomt. Hoe ga je daarmee om?

Tip 1. Herken introverte deelnemers

Hoe weet je eigenlijk of je veel introverte deelnemers in een groep hebt? Kijk eens hoe de deelnemers zich gedragen tijdens de pauze. Extroverte deelnemers maken dan praatjes met elkaar, introverte deelnemers zoeken dan juist de rust. Ze gaan alvast in de zaal zitten, kijken op hun telefoon, bladeren literatuur door op de leestafel. Wanneer je dat ziet gebeuren, weet je dat stiltes waarschijnlijk betekenen dat de deelnemers kauwen zijn op je stof en dat je voor veilige interactie moet zorgen. Zitten je deelnemers tijdens pauzes lekker te kletsen en is het tijdens de trainingssessie toch heel stil? Dan is er iets anders aan de hand en is het tijd voor een tussenevaluatie.

Tip 2. Maak het veilig om te reageren

Stel, je hebt een hele groep met introverte deelnemers. Hoe verleid je die om te reageren op jouw inhoud? Een rechtstreekse vraag werkt niet: ‘Jongens, vertel eens, wat vinden jullie ervan?’ Maak daarom korte oefeningen van de vragen die je normaal plenair zou stellen. Je laat de oefeningen eerst individueel of in tweetallen doen. Vervolgens vraag je plenair om reacties. Hieronder zie je een paar voorbeelden van zulke oefeningen.

  • Na de uitleg van de theorie vraag je de deelnemers om individueel de volgende zaken op te schrijven: 1. schrijf twee dingen op die je aanspreken in de theorie; 2. schrijf één aspect op waarover je een vraag hebt.
  • Deel bij de start van je onderdeel een lijst uit met situaties waarvoor jouw theorie een oplossing gaat bieden en vraag de deelnemers om dat te bespreken in tweetallen. Welke situatie vinden ze het lastigst? Hebben ze al eens iets meegemaakt wat hierop lijkt en wat ze lastig vonden?
  • Laat de deelnemers in tweetallen een deelvaardigheid toepassen in een gestructureerde oefening.
  • Geef alle deelnemers aan het eind van een onderdeel een gekleurd A4tje en een stift en vraag ze om één eyeopener te noteren. Iedereen legt daarna zijn blaadje voor zich op de grond.

Wanneer je introverte deelnemers eerst individueel of in tweetallen laat werken, vinden ze het vaak gemakkelijker om er daarna plenair over te vertellen. Ze weten dan wát ze willen zeggen (en dat weten ze niet als je ze overvalt met een plenaire vraag) én ze vinden het veiliger omdat ze het al besproken hebben met hun maatje (die ze immers ook niet luidkeels uitgelachen heeft).

Tip 3. Houd je gedachtes in toom

Ik heb het in mijn wanhoop weleens gedaan: gaan zitten en verwijtend gevraagd ‘Jongens, wat is er aan de hand? Jullie zijn zo stil!’ Dat leverde weinig op, de groep bleef stil. En dat is ook niet zo gek, want in deze uitspraak zit een oordeel verstopt. Als je stil bent, is er kennelijk iets mis! Voor introverte deelnemers maakt zo’n oordeel de afstand tot de trainer alleen maar groter. Daardoor wordt de training onveiliger en worden de introverte deelnemers nog terughoudender.

Label stilte dus niet negatief en houd je gedachtes in toom. Het helpt als je je realiseert dat stilte niet altijd wil zeggen dat je uitleg langs de deelnemers afglijdt. Het kan ook betekenen dat je uitleg supergoed aankomt: alle introverte deelnemers zitten jouw boodschap nu volop te verwerken!

Je labelt stilte positief door een andere vraag te stellen. ‘Het lijkt alsof jullie heel hard nadenken, klopt dat?’ Daarop krijg je vaak een ‘ja’. Door de veiligheid die je dan biedt, is er vaak wél iemand die zijn gedachtes wil delen. Zo krijg je vaak opeens toch een gesprek in de groep.

Tip 4. Zorg goed voor jezelf

Met de tweede tip check je of de deelnemers aan het leren zijn en met de derde tip houd je je eigen angsten in toom. Zo lukt het om het leerproces op een goede manier te begeleiden. Maar dan ben je er zelf ook nog. Want laten we wel wezen, het is leuk om na afloop de negens op het evaluatieformulier te lezen, maar het is nog prettiger als je al tijdens de training te weten komt of de deelnemers enthousiast zijn. Als je daarover twijfelt, kun je onzeker worden en minder krachtig gaan trainen en dat helpt niemand.

Zorg daarom dat je krijgt wat je nodig hebt om ontspannen te werken. Zo vraag ik bij een tweedaagse training met een nieuwe groep altijd aan het eind van de eerste dag hoe ze de dag ervaren hebben. Soms zijn de deelnemers extravert en heb ik door de dag heen al aardig wat reacties gekregen. Maar soms zijn ze niet zo uitgesproken en heb ik geen idee wat ze van de eerste dag vinden. Ik weet dat ik dan de tijd moet nemen om dat te onderzoeken – anders heb ik geen fijne avond.

Een simpele vraag werkt het best: ‘Ik ben benieuwd hoe je de dag ervaren hebt, ik heb behoefte aan wat terugkoppeling.’ (Let op dat je bij deze vraag altijd ‘je’ zegt en niet ‘jullie’ – zo maak je het veilig om individuele meningen te geven.) Introverte deelnemers zijn ook de beroerdste niet en zullen vaak hun mening geven. Je kunt ook aangeven dat je nog even in het zaaltje blijft hangen zodat deelnemers je persoonlijk kunnen aanspreken. Voor introverte deelnemers is dat wel zo veilig; vaak komen die naderhand naar je toe en geven je alsnog de bevestiging dat het goed zit.

Ook zo leren trainen?

Wil je leren hoe je jezelf als trainer beter in de hand hebt. Lees dan het boek Goed voor de groep.

Naschrift, 21 januari 2016

Dit blog riep aardig wat reactie op, zoals je ook hieronder kunt lezen. Dat vind ik erg fijn, want hoe meer we discussiëren, hoe beter onze trainingen worden.

Goed advies kreeg ik ook van een oud-deelnemer, Stephanie. Zij noemt zich zo introvert dat ze liever per mail reageert voor een diepgaand gesprek dan zich op dit platform te storten J. We hebben een paar keer heen en weer gemaild en naar aanleiding daarvan wil ik graag nog wat toevoegen.

1.

Introverte mensen zijn niet per definitie stil. Stephanie schrijft: ‘Introversie zegt iets over hoe je energie opdoet, dat schijnt vast te liggen in je brein. Extraverte mensen doen energie op door externe prikkels, introverte mensen door rust en interne prikkels. Teveel externe prikkels maken de introvert moe en overbelast, maar niet per sé stil en verlegen. Ik ben bijvoorbeeld stil noch verlegen, maar wel introvert. Dat betekent dat ik externe prikkels moet afwisselen met rust, meer niet. Rust voor introverten in trainingen betekent: voldoende pauzes, voldoende werkvormen gericht op reflectie en het liefst een plek waar ze rustig kunnen zitten en de samenwerkingsopdrachten die er zijn van echte diepgang voorzien. Het is echt niet zo dat je introverten/extraverten kunt herkennen door te kijken naar wie in de pauze op z’n telefoon kijkt en wie een praatje maakt. Zo simpel is het niet. Introverten maken bijvoorbeeld graag een (betekenisvol) praatje en extraverten zoeken graag de extra prikkels van de sociale media/werkmail op in de pauzes… Was het maar zo simpel :-)’

Je kunt introverte mensen dus niet zo eenvoudig herkennen aan hun gedrag in de pauzes als ik hierboven schrijf. Daar komt bij dat veel introverten geleerd hebben om zich aan te passen aan de omgangsvormen van extroverten in hun omgeving en zich dus ook mengen in discussies of direct een mening verkondigen. Bovendien is introversie-extraversie een glijdende schaal: veel mensen hebben iets van beide kanten.

Tegelijkertijd vermoed ik dat je wel kunt proeven welke oefeningen het best aanslaan bij je deelnemers. Wie doet er graag mee aan de discussies en leeft op bij oefeningen waarin je vaardigheden oefent in korte snelle rondes? En wie zit er graag in een rustig hoekje diepgaand te reflecteren met één collega-deelnemer?

2.

Het tempo: introverte mensen zijn niet langzamer of ‘dommer’ dan extraverte mensen. Het lijkt erop dat ik dat gesuggereerd heb met mijn advies voor een lager tempo. Maar dat heb ik zeker niet zo bedoeld. Het gaat er dus niet om dat je de informatiedichtheid van je training moet aanpassen en langzamer moet gaan uitleggen. Het is wel belangrijk dat je momenten voor individuele reflectie inbouwt. Doe niet voortdurend alles in de grote groep en subgroepen, met onafgebroken de noodzaak tot interactie. Daar worden introverte mensen erg moe van en dan leren ze minder.

3.

Ongewild ademt m’n blog de sfeer dat introverte mensen ‘lastige deelnemers’ zijn. Dat komt doordat ik het blog geschreven heb vanuit een extraverte trainer die onzeker wordt van een stille groep.  Maar je kunt ook zeggen dat introverte deelnemers lijden onder extraverte trainers  die te veel handelen naar hun eigen voorkeur en wensen. Daarom is het belangrijk dat je als trainer je eigen voorkeur kent en je realiseert dat er in een groep vrijwel altijd extroverte én introverte deelnemers zitten. Afhankelijk van het onderzoek dat je leest, is 20% tot 50% van de mensen introvert. Wil je dat iedereen leert, dan heb je voor iedereen te zorgen. Dat betekent dat je afwisselt in werkvormen, zodat beide groepen energie krijgen en leren. Om een simpel overzichtje te geven: waar houden de tegenpolen het meest van?

Voor introverten

Voor extroverten

• Voldoende pauzes

• Genoeg werkvormen gericht op reflectie

• Voldoende opdrachten om even individueel te kunnen bezinnen en bezinken

• Een plek waar ze rustig kunnen zitten

• Opdrachten met diepgang en voldoende tijd

• Veel samenwerkingsopdrachten

• Energizers

• Spelvormen

• Tempo in oefeningen, korte nabesprekingen

• (harde) Muziek in de ruimte

• Heftige snelle discussies waarin interrumperen is toegestaan

• Veel interactie

• ‘Even snel een oefening doen in de 10 minuten die we nog hebben voor de pauze’

Het devies is dus om af te wisselen, zodat beide groepen aan hun trekken komen. Wat ook goed werkt, is om deelnemers de keuze te bieden waar dat kan. Wie in tweetallen wil werken, gaat samen aan de slag, wie even alleen wil werken, mag dat doen. En tot slot: ik vind de rust en concentratie die neerdalen over een trainingsgroep als iedereen individueel bezig is met een opdracht altijd prachtig. Op dat moment geniet iedereen even van de introvert in zichzelf.

10 gedachten over “Introverte deelnemers trainen”

  1. Goed dat je hier aandacht aan besteed, Karin. Dit aspect is bij veel trainers totaal onderbelicht en vaak wordt elke deelnemer in dezelfde mal gedrukt.
    Wat ik kan zeggen vanuit mijn eigen ervaring als trainer is dat het ook helpt om zeker de helft van de oefeningen individueel te maken. Als introverte deelnemer (en soms ook actief als trainer 🙂 vind ik het niet fijn om voortdurend in groepjes aan de slag te moeten, en zeker niet als de groep vooral bestaat uit extraverte deelnemers.

    Ik laat als trainer bij een aantal oefeningen de deelnemers kiezen: sparren met iemand of alleen werken. Toen ik nog veel trainingen gaf benoemde ik ook altijd aan het begin dat er verschil is tussen introverte en extraverte deelnemers en dat ik aan beide voorkeursstijlen aandacht besteed. Ik verwacht ook van niemand dat ze voortdurend bij elkaar zitten. En dat geldt zelfs voor de lunch. Als een deelnemer liever zich terugtrekt, is dat prima.

    Susan Cain heeft in haar boek Stil interessante dingen geschreven over de effectiviteit van brainstormen in een groep door extraverten en introverten. Brainstormen is bij lange na niet zo effectief als we soms denken. Tip voor trainers om dit boek te lezen.

  2. Hoi Karin, fijn dat je dit onderwerp bespreekt. Er bestaan veel misverstanden over introversie. Ik ben zelf een introverte en hoogbegaafde trainer /coach en ik ben het niet helemaal eens met wat je schrijft over de behoefte aan een laag tempo en de vermeende langzame oordeelsvorming. Theorie begrijp ik direct en ik zie ook altijd direct toepassingen in het algemeen. Oefeningen komen ook direct binnen bij me en het effect op mezelf en dat vertalen naar anderen is me ook heel snel duidelijk. Dit tempo heeft te maken met snelheid van denken en daarin verschillen into- en extraverten niet. Wat er wel speelt is dat Dingen van buiten extra energie kosten en veel oproepen van binnen en als reactie daarop ontstaat er een jezelf-negeren-reactie. Vertraag dus alsjeblieft niet je tempo als trainer bij een groep introverten in het algemeen, maar doe dit alleen op bepaalde momenten. Want het is wel zo dat (verplichte) interactie met anderen, omgevingslawaai en andere externe prikkels mij en andere introverten afhouden van het eigen interne verwerkingsproces en de bewustwording van eigen gevoelens. Je kunt dus best oefenen in grotere groepsopdrachten en dan vragen, wat vinden jullie? Maar dan raad ik op zo’n moment aan om geduldig even (en dat is dan voor extraverten lang) rustig te wachten (ook nonverbaal). Hartegroet van Gonnie Hoonhout, (professioneel begeleider voor communicatievraagstuuken rond hoogbegaafde en hooggevoelige volwassenen).

    • Beste Gonnie,
      Fijn om je ervaring te lezen.
      Als ik je goed begrijp gaat het vooral om de rust tijdens het gesprek; in je uitleg en informatiedichtheid mag het best pittig (dwz: wat iemand daarin aankan hangt niet af van intro- of extravert).
      Dank voor je aanvulling en nuancering!

      Hartelijke groet,
      Karin

  3. Bedankt Karin en vooral ook Nicole, bedankt voor de aanvulling. Waardevolle tip om in het begin van de training aandacht te besteden aan het verschil, wat het niet alleen mogelijk maakt om je aanpak te duiden in relatie tot de voorkeursprofielen van de deelnemers, maar ook het begrip onderling groter maakt.

  4. Ja, zeer herkenbaar en het maakte me ooit ook onzeker , omdat je minder snel respons krijgt. Wat ik nu doe is de feedback in kleine groepen organiseren. Mensen met een Introverte voorkeur vinden het over het algemeen prettiger in kleinere groepen te reageren en tijd te hebben eerst na te denken en hun eigen gedachten te formuleren.
    Marloes Bouwmeester heeft veel expertise op dit terrein, zie http://www.desuccesvolleintrovert.nl Op haar site staat nog een interview, dat zij (I) mij(E) afnam over het reageren van Introverten op Extraverten en vice versa. Overigens is het moment dat de groep zich veilig acht voor elkaar het moment dat de verschillen kleiner worden. Enigszins generaliserend, maar wel een patroon wat ik observeer.

  5. Als kind was ik een heel verlegen, bescheiden jongetje. Als ik dat vertel dan zeggen toehoorders “Wat? Jij?” En ik denk dat ik nog steeds introvert ben.
    Het heeft zo zijn voordelen, omdat je het introverte gedrag herkent en bespreekbaar kunt maken. Een knipoog, een grijns, een hand op een schouder. Brainstormen als training is vaak teveel van het goede. Ook voor de extroverten onder ons. Ik heb het maar eens vertaald in “hersenwaaien”. Dat hielp.
    Ik leer zelf heel veel van de interactie tussen extravert en introvert door alleen maar te observeren. En soms (dus niet altijd) daarop uit te nodigen.

  6. Jammer dat je alle introverten op één hoop gooit. Zoals altijd is er een breed scala aan introverte typen: de ene introvert is niet de andere. Er zijn ook introverte mensen die best iets durven zeggen in een groep, maar dan ‘s avonds bij thuiskomst volledig uitgeput zijn en even “ik tijd” nodig hebben om hun energieniveau weer op peil te krijgen.
    Er wordt helaas nog vaak negatief gesproken over introverte mensen. Onterecht. Wellicht zijn het mensen die wat langer nadenken over de stof die je ze aanbiedt. Compliment toch!?
    Ik beschouw mezelf ook als introvert. Maar toch wil ik als coach aan de slag , voor een groep gaan staan en workshops geven. Als ik dan ‘s avonds maar lekker rustig muziek mag luisteren of een boek kan lezen op de bank! 🙂

  7. Mooi artikel en ik ben ook heel blij met de aanvulling. Dat is precies wat ik ook dacht. Introverte en sneldenkende en gevoelige mensen denken vaak zoveel na een vraag. Of nog niets omdat “we” merken dat het een opstartvraag is. We wachten op de rest voor we gaan denken. Vaak is ons antwoord een verdieping te diep voor de extraverte die juist met hun snelle opmerkingen de oppervlakte eerst scannen. En introverte houden niet ervan als iets in scène wordt gezet. Dus een opdracht om iets uit te lokken wordt doorzien en valt niet goed.

Een reactie plaatsen